‘Niet rekken, maar hoeken’, zegt fysiotherapeut Tjitte Kamminga

26 maart 2010 - Door Cors van den Brink

Rekken en strekken zijn verleden tijd. Het gaat er bij de warming-up om de spieren zo goed mogelijk voor de te bereiden op de loopbeweging. ‘Je moet niet rekken, maar hoeken’, zegt fysiotherapeut en looptrainer Tjitte Kamminga. Hij ontwikkelde een reeks oefeningen voor de ‘nieuwe warming-up’.  Een bekend beeld vóór de start van een loopevenement: deelnemers proberen “een boom om te duwen” terwijl ze kuit en achillespees rekken. Of ze brengen de voet tegen de bil om de voorste beenspieren op lengte te brengen.

Nog zo’n veel geziene oefening: het been voorwaarts omhoog brengen en op een hekje of een tafel leggen. En welke loper strekt de benen niet regelmatig links en rechts helemaal uit om al dan niet verend door het andere been te zakken? ‘Een functionele oefening’, zegt Kamminga grijnzend. ‘Maar dan voor schaatsers en niet voor lopers.’

Functioneel
De fysiotherapeut – hij is tevens docent aan de Hogeschool Leiden – is een sterk voorstander van zo functioneel mogelijke oefenstof. Dat wil voor de loper zeggen dat de gewrichten losgemaakt, maar niet meer dan voor de bewegingsuitslag tijdens de loopbeweging noodzakelijk is.

‘Al twintig jaar geleden was bekend dat het statisch rekken en strekken zoals dat in de atletiek gebruikelijk was, geen bijdrage leverde aan de blessurepreventie. Terwijl het daar wél voor was bedoeld. Bovendien zijn er aanwijzingen dat het rekken een negatieve invloed heeft op de prestatie, omdat de spieren aan kracht inboeten’, aldus Kamminga. Hij wist daarbij op onderzoek van onder meer Van Mechelen en Halbertsma.

Bewegingsuitslag
Het programma dat hij voorstaat tijdens een training begint met oefeningen om de bewegingsuitslag van de loopbeweging mogelijk te maken. Kamminga noemt dat het ‘hoeken’: de loper brengt de gewrichten op een dynamische manier in de hoeken die voor de loopbeweging nodig zijn. ‘Maar waarom moeten ze langer worden?”, zo vraagt hij retorisch.

Hij schenkt allereerst en opmerkelijk ruim aandacht aan de grote teen, een naar zijn mening onderbelicht deel van het lichaam. Gebrek aan oefening zou naar zijn mening wel eens de oorzaak kunnen zijn van veel hielspoor-klachten.

‘Gesmeerd’
Dan volgt het opheffen van de weerstand tegen de beweging. De gewrichten moeten als het ware ‘gesmeerd’ worden en op lengte komen. Dan volgt het op gang brengen van de motorische controle, het ‘fine-tunen’ van het lichaam. En tenslotte komt het hart/long-systeem op gang.

Die opbouw vertaalt zich in de genoemde reeks oefeningen (zie hiervoor de filmreportage), gevolgd door wandelen, briskwalking en tenslotte pas het hardlopen.

Kamminga presenteerde zijn ideeën in oktober 2009 op de Looptrainersdag van de Atletiekunie in Nijmegen. De presentatie is hier te vinden.

Bij atletiekvereniging Hylas in Alkmaar liet hij de trainers en lopers afgelopen week kennismaken met zijn oefeningen. Een reportage is hier te vinden.

[vimeo]http://www.vimeo.com/10466345[/vimeo]