Brabander Cadée en Groninger Damkat moesten leren communiceren

Erik Cadée traint al een paar jaar onder coach Gert Damkat. Het kostte wel wat tijd voor de Brabander en de Groninger elkaar écht konden verstaan. Dat lijkt dit seizoen te lukken. Zaterdag in Hoorn en volgende week bij de FBK Games wil de 26-jarige discuswerper graag bewijzen dat hij niet alleen in Amerika goed kan presteren.Ze zijn na het WK in Berlijn maar een paar keer om tafel gaan zitten, vertelt Erik Cadée. Want helemaal soepel verliep de communicatie tussen hem en coach Gert Damkat niet. Nee, er was geen sprake was van onenigheid, maar of ze elkaar écht begrepen was nooit helemaal duidelijk.

‘Gert is niet zo’n prater en ik kan zelf ook niet altijd helemaal helder maken wat ik denk’, zegt Cadée. ‘Ik ben als jong atleet gevormd door Monique Kuenen, die overigens nog steeds een rol speelt bij mijn trainingen. Zij is veel directer. Het was dus wennen van beide kanten.’

Cadée kwam in 2007 naar Papendal, waar Damkat en Rutger Smith al samenwerkten. De twee Groningers kennen elkaar van haver tot gort. ‘Rutger heeft aan een half woord genoeg. Ik heb meer nodig’, zegt Cadée. ‘Maar sinds we het daar een paar keer over gehad hebben, zijn we op de goede weg.’

Die communicatie luistert extra nauw omdat het bij het discuswerpen om finesses gaat. ‘Het omzetten van de draai in een rechtlijnige beweging en de ontspanning van je bovenlichaam tijdens het roteren tot het moment van het wegwerpen van de discus: het gaat om fracties van seconden. Timing is heel belangrijk. Gert ziet dat allemaal heel goed. Hij maakt het mij mogelijk om op dit niveau te komen.’

 

foto: Erik van Leeuwen

Kwalificeren
Er was eerder al een verandering nodig om de carrière van Cadée een nieuwe impuls te geven. ‘Vier jaar geleden wierp ik nét niet ver genoeg om me te kwalificeren voor de EK. Toen stond ik voor de keuze: meer investeren in de sport of stoppen. Ik ben naar Papendal verhuist en sindsdien gaan de prestaties vooruit. Maar bij de WK’s in Osaka en Berlijn heb ik de finale niet bereikt. Dat moet bij de EK in Barcelona wel gebeuren.’

De analyse was betrekkelijk eenvoudig. Cadée stak tot nu toe in het begin van het zomerseizoen zoveel energie in de kwalificatie, dat hij daarna onvoldoende in staat was zijn vorm vast te houden. Die frustratie kwam er afgelopen zaterdag in Lisse nog een keer uit: balend liep hij van het veld omdat hij de 62 meter niet eens had gehaald. ‘Zal iedereen wel weer zeggen dat ik alleen in Amerika goed kan werpen’, gromde hij.

foto: Erik van Leeuwen

Maar een kwartiertje later was die stemming omgedraaid. Cadée besefte dat hij vijf dagen na terugkeer uit de VS last had van de vliegreis en de jetlag. De kwalificatie voor de EK bij wedstrijden in het Amerikaanse La Jolla (met een p.r. van 66,20m) was juist opmerkelijk soepel gegaan. Zoals hij bij een tweede wedstrijd daar ook content was met een fraaie serie van zes worpen boven de 63 meter, met 65,44 als beste prestatie.

‘Er zit nog zoveel meer in’, voegde hij er deze week aan toe, tijdens een persbijeenkomst in Hengelo. Maar afstanden zeggen hem niet al te veel, wetende dat de omstandigheden van grote invloed zijn. ‘Het moet op de toernooien gebeuren. Daar doe ik het voor.’

San Diego
Sinds zijn verhuizing naar Papendal ging zijn p.r. van 61,51 naar 66,20 meter. Dat was te merken tijdens de trainingsstage in San Diego, waar naast de Nederlandse werpploeg ook de groep van de Est Gerd Kanter en enkele Amerikaanse toppers waren. Rutger Smith vertelde ooit dat hij bij zijn eerste stage in de VS door de toenmalige topper John Godina nog met grote openheid werd bejegend. Maar naarmate zijn prestaties verbeterden en hij meer als concurrent werd gezien, veranderde die houding.

‘Dat herken ik wel’, zegt Cadée. ‘De sfeer was heel gezellig, maar sommigen zijn nu wat afstandelijker. Iemand als Jarred Rome, een jongen die ook naar Hengelo komt, had er bijvoorbeeld moeite mee dat hij in het krachthonk veel meer aan kan dan ik, maar in wedstrijden van me verloor.’

Estland
Bij Kanter heeft hij daar geen last van. De olympisch kampioen ligt met zijn p.r. van 73,38 voldoende ver op hem voor. Bovendien heeft Cadée een landgenote als vriendin: de meerkampster Kaie Kand. Hij geniet de nodige bekendheid in de media in Estland. ‘Atletiek is er een grote sport en Kanter staat dagelijks in de krant. Toen ik die 66 meter wierp, schreven ze daar ook over – maar alleen omdat Gerd een week later op dezelfde baan zou werpen en ik had aangetoond dat de omstandigheden er goed waren.’

Zelf is hij blij dat Rutger Smith weer op krachten komt. ‘We hebben elkaar altijd opgejut, ook omdat we dezelfde humor hebben en van dezelfde muziek houden. Ik heb hem erg gemist toen hij het in het afgelopen jaar af moest laten weten. Net als op de 800 meter en de 110m horden is het natuurlijk prachtig als twee of meer Nederlanders het op hoog niveau tegen elkaar op kunnen nemen. Al ligt Rutger qua toernooi-prestaties natuurlijk nog mijlenver op mij voor. Ik moet het allemaal nog bewijzen.’

Zie ook de website van Erik Cadée.