Meerkampers laveren tussen kleine pijntjes en dreigende blessures naar Amsterdam en Rio

7 mei 2016 - Door Cors van den Brink

De Nederlandse meerkamptop laveert tussen allerlei kleine pijntjes en dreigende blessures door in de richting van de EK in Amsterdam en de Spelen in Rio, zo bleek zaterdag bij de Ter Specke Bokaal in Lisse. Voor de meesten is eind deze maand Götzis slechts een tussenstop. Maar voor Pelle Rietveld moet het daar allemaal nog gebeuren.

Het was “voorzichtigheid troef” tijdens deze eerste wedstrijd van het Baancircuit. De meerkampers selecteerden de onderdelen die hun lijven, nog herstellende van de trainingsstages, niet teveel pijn zouden doen.

Nadine Broersen zocht vooral het plezier in de atletiek weer op en slaagde daarin bij het speerwerpen. Ze kwam tot een beste worp van 51,50 en was daar zeer tevreden mee. De zevenkampster liet blijken dat ze moet afrekenen met een vervelende periode: een enkelblessure in de winter van 2014/2015 die maar niet wilde helen. En toen dat eindelijk gelukt leek te zijn, kwam er een knieblessure achteraan, waardoor ze in de afgelopen winter haar wereldtitel niet kon verdedigen. ‘Ik kon op een gegeven moment het startblok niet meer uitkomen en dreigde ook mentaal in een negatieve spiraal terecht te komen. En dat voor iemand die vóór 2015 nooit blessures had’.
‘Ik had moeite om me er over heen te zetten’, erkende ze eerlijk. ‘Dat lukte met kracht én wilskracht. Ik ben pas een paar weken weer helemaal fit. Tijdens de trainingsstage heb ik mezelf gedwongen om zo verstandig te zijn het heel langzaam weer op te bouwen en ik moet niet teveel verwachten van Götzis – hoe moeilijk dat ook voor mij is.’

Stijve spieren
Anouk Vetter beperkte zich tot het kogelstoten, vanwege stijve spieren, maar was tevreden met de 14,98. ‘Ik heb een heel goede stage achter de rug in Zuid-Afrika, maar stel het hordenlopen nog maar een weekje uit’, zei ze.

Nadine Visser leek het minst aangedaan, al noemde zij ook stijve hamstrings als oorzaak voor een 17,91 (-0,3) op de 150 meter. ‘Het hordenlopen gaat heel erg goed en de werpnummers ook’, zo kon ze melden. ‘Het springen moet ik nog opbouwen.’

Het drietal Nederlandse vrouwen zal met verschillende verwachtingen aantreden in Götzis. Waar Broersen niet teveel mag verwachten, is Vetter gretig om een lange periode zonder meerkamp af te sluiten. Visser kan ook voluit gaan: zij beperkt zich bij de EK tot het hordenlopen en doet pas in Rio weer een zevenkamp.

Sintnicolaas zeer tevreden
Eelco Sintnicolaas daarentegen slaat Götzis over. ‘Dat had ik al besloten vóór ik de beslissing nam om me aan mijn enkel te laten opereren’, vertelde hij, nadat hij in Lisse de discus 43,49 ver had geworpen en 35,87 liep op de 300m. De Apeldoorner wil niet al twee meerkampen afwerken voor hij in Rio aantreedt.
Hij is zeer te spreken over zijn herstel na de operatie en het helen van de hamstring die in het indoorseizoen stuk ging. ‘Op dit moment werkt de linker achillespees nog niet mee en dat was lastig op die 300 meter. Ik liep met wat laffe pasjes. Maar het is al heel bijzonder wat ik allemaal al kan doen, terwijl aanvankelijk de verwachting was dat ik de EK niet eens zou halen.’

Pieter Braun kiest nadrukkelijk wel voor Götzis. ‘Gewoon, omdat het een super leuke wedstrijd is. Ik ben nog jong en wil pakken wat ik pakken kan’, is zijn opstelling. ‘Het gaat bovendien heel goed. Ik scoor het ene na het andere p.r.’
Braun liep in Lisse 34,80 op de 300m.

160507-AU-005Rietveld verrast
Voor de grootste verrassing bij de meerkampers zorgde Pelle Rietveld. De man die zich nog nergens voor heeft gekwalificeerd, wierp de speer naar een p.r. ban 73,07 meter. Om na een kort moment van opperste euforie de verwachtingen weer te temperen. ‘Er zijn nog teveel andere onderdelen van de tienkamp die minder goed gaan en waar ik veel punten kan laten liggen’, zei hij.
Rietveld wil nog niet denken aan Rio en heeft het ook niet over de EK. ‘Ik ben alleen bezig met de wedstrijd in Götzis en wat ik daar nog voor moet doen’, zei hij. ‘Die 8200 punten van twee jaar geleden haalde ik na zes maanden supertraining en die heb ik nu niet gehad. Maar goed, kennelijk zit er iets in mijn lichaam dat deze worp mogelijk maakte en hopelijk kan ik daar meer mee bereiken.’

Was er nog meer te beleven in Lisse?
Corinne Nugter kwam al vroeg in de middag zeer tevreden uit de discuskooi, met een p.r. van 56,23 – precies een meter verder dan haar beste prestatie van vorig jaar in Emmeloord. Als ze Nederlands kampioene wordt, mag ze met deze prestatie ook meedoen aan de EK en dat was het doel voor de werpster.
‘Ik was eerder deze week in Vught niet helemaal fit en wierp daar 54 meter. Nu stond de wind beter’, vertelde ze. ‘Die 56 meter zijn een gevolg van een optelsom: techniek en kracht worden steeds een beetje beter.’
Ze spreekt van een stabiele situatie die haar tot hier heeft gebracht: de dagelijkse trainingen met Gert Damkat op Papendal en een baan van zestien uur bij het Sportbedrijf Arnhem. ‘Waarom dit allemaal kan, weet ik niet precies, maar het is wel wat ik nodig heb’, zegt ze over de discipline die niet meer binnen een van de programma’s van NOC*NSF past, maar wel mogelijk bleef.

Snelle sprints
Nicky van Leuveren verraste iedereen, inclusief zichzelf, met een daverende sprint over 300m in 36,24. Dat is ruim een seconde sneller dan de 37,54 van Esther Goossens, de beste Nederlandse prestatie ooit op deze wonderlijke afstand. Laura de Witte liep 36,88, Tessa van Schagen 37,50.
De winnares was helemaal kapot na haar race en kon een tijd lang niet op eigen benen staan. Ze geloofde nauwelijks wat er op de klok stond. ‘Dit had ik nooit gedacht. Ik hoop maar dat ik dit ook kan op de 400 meter’, zei ze weifelend. Een eerste test krijgt ze volgende week bij de Recordwedstrijden in Hoorn.
Ze bereidde zich in Nederland voor op het seizoen. ‘Een week geleden liep ik nog met handschoenen aan in de hagel’, lachte ze toen ze enigszins was hersteld. ‘Maar mijn vader, die ook mijn trainer is, heeft niet teveel vrije dagen en die sparen we liever voor de EK en Rio.’

Van Leuveren won in Lisse een van de bokalen met haar prestatie. De andere ging naar Hensley Paulina, die ondanks 2,2m tegenwind de 150m in 15,47 aflegde en onder meer Solomon Bockarie (15,52) en Marvin Douma (15,90) achter zich liet.

160507-AU-010Boons vermoeid
Eefje Boons was eerder deze week in Vught snel op de 100mH. Ze liep er met 13,18 een p.r. en bleef nipt boven de EK-limiet van 13,10. In Lisse kon ze die prestatie niet evenaren. Ze kwam tot 13,68 (-0,9) en later op de dag tot 38,38 op de 300m.
‘De vermoeidheid na de trainingsstage in Spanje en de twee races in Vught’, noemde ze als oorzaak. Maar ze is vol goede moed dat ze haar p.r. van 13,09 van vorig jaar kan verbeteren en in Amsterdam aan de start zal staan. ‘Al is er met Nadine Visser, Rosina Hodde en misschien Sharona Bakker concurrentie. Maar dat is ook wel mooi. We kunnen elkaar naar snellere tijden brengen’, aldus de pupil van Michel Knobbe.

Van der Wijst naar WJK
Junior Koen van der Wijst won het polshoogspringen met een p.r. van 5,35. Hij kwalificeerde zich daarmee voor de WJK in Polen. ‘De trainingen gingen super goed, dus die limiethoogte van 5,25 had ik wel een beetje verwacht. Maar dit is meer dan waar ik nu al op rekende’, zei hij. Pogingen op de hoogte van 5,46 – om het juniorenrecord van Laurens Looije te verbeteren – mislukten.

Alle uitslagen zijn hier te vinden.